Laurens Bastijns, van Kunstmaan tot zijn droomstad Leuven

Als je vraagt: Wat voor een stad is Leuven? Dan zullen de meesten wel antwoorden dat het een studentenstad is. Laurens Bastijns ziet Leuven eerder als een droomstad om voor te werken. Hij prijst zichzelf gelukkig want hij werkt nu al een jaar en half bij de stad Leuven als adviseur digitale communicatie. Ik kreeg de kans om Laurens te interviewen.

Laurens Bastijns — by Laurens Bastijns
Laurens Bastijns — by Laurens Bastijns

U heeft communicatiewetenschappen gestudeerd op de KU Leuven, waarom koos u voor deze opleiding?

Laurens Bastijns: “Het was een goede gok. Ik was veel bezig met computers in het middelbaar en ik had altijd in mijn hoofd dat ik iets wilde doen met computers. Maar wat dat precies was dat wist ik niet.Toen stond digitaal nog in zijn kinderschoenen. Het zat nog niet super veel in de opleiding, maar ik zag dat het me wel interesseerde. In mijn opleiding heb ik dus wel digitale vakken gehad, maar nadien heb ik ook nog een postgraduaat digitale marketing bijgedaan. Ik had het gevoel dat ik van het digitale aspect nog niet genoeg kende op het punt dat ik afstudeerde. Er was weinig praktijk op de unief en dat was wel nodig om een job te vinden. De meeste jobs die er zijn in digitaal zijn technische jobs. Je moet dus campagnes kunnen opzetten en kunnen copywriten.”

U heeft voor de stad Leuven nog bij andere bedrijven gewerkt zoals Kunstmaan. Waarom heeft u de switch van een communicatiebureau naar de overheid gemaakt?

Laurens Bastijns: “Dat is een goede vraag. Ik heb bij twee communicatiebureaus gewerkt. Ik heb eerst een jaar bij een klein marketingbureau gewerkt en dan ben ik geswitcht naar Kunstmaan. Waarom dat ik geswitcht ben naar de stad Leuven? Ik heb altijd vanaf het begin dat ik startte met werken gezegd dat ik voor de stad Leuven wilde werken. Het is misschien heel gek maar ik vind dat een heel interessante materie. Je communiceert voor je eigen stad en alles wat met citybranding en citymarketing te maken heeft, vind ik heel interessant. Je ziet dat steden zich ook veel harder aan het profileren zijn de laatste jaren. Er gebeurt heel veel op dat niveau en dat maakt het interessant.

Ik wilde mij ook meer gaan bezighouden met communicatie die erom deed. Bij een bureau is het allemaal heel commercieel, dingen verkopen die mensen niet noodzakelijk nodig hebben terwijl je bij een stad over dingen communiceert die mensen echt moeten weten. Het is een heel andere insteek en dat maakt het veel boeiender omdat je met dingen bezig bent die precies wel het verschil maken.”

_Ik wilde mij meer gaan bezighouden met communicatie die erom deed._

U bent adviseur digitale communicatie, mag u dan ook de praktische kant van de taken uitvoeren zoals Facebookposts maken?

Laurens Bastijns: “Wij zijn nog een redelijk klein team dus op dat vlak zit er in onze job veel variatie. We mogen zowel het denkwerk als de praktische uitrol ervan doen. Dat zou ook niet anders gaan omdat we daar nog niet groot genoeg voor zijn. Elke dag ziet er dan ook anders uit. De communicatie die wij doen is ook vaak campagnematig, dat betekent dus ook dat wij een bepaalde periode heel druk aan een bepaald project bezig zijn. Eenmaal dat project gelanceerd is dan valt dat wat terug naar de achtergrond en dan komt er weer iets nieuw waar je aan begint te werken. Die afwisseling is wel heel leuk. Je hebt altijd dingen die je minder graag doet maar toch is het goed om ook de minder leuke taken te blijven doen. Ik zou nooit alleen het denkwerk willen doen want dat zou ik saai beginnen te vinden na een tijd. Ik vind het juist leuk dat ik de dingen die ik bedenk kan uitvoeren.”

Wat maakt van de stad Leuven een interessante organisatie om voor te werken?

Laurens Bastijns: “De inhoud alvast, maar ook de diversiteit van alles wat er gecommuniceerd moet worden. Dat gaat van hoe je je moet inschrijven in het bevolkingsregister als je een buitenlandse student bent tot hoe je het best kan parkeren in de stad. Nu zijn we bezig met een campagne over de opties als je begraven wil worden. Het zijn dus allemaal heel diverse thema’s waar je over kunt communiceren, dus dat vind ik heel interessant.

Wat ik ook heel leuk vind, is dat het een grote organisatie is. We zijn met meer dan 1100 mensen en het is een gevarieerd bedrijf. We hebben verschillende beroepen in huis en dat vind je vaak in geen enkel ander bedrijf. Ik kan gewoon de telefoon nemen en bellen naar een collega om informatie te krijgen over eender welk thema.”

De drie Effie Awards van Kunstmaan in 2017 — by Kunstmaan
De drie Effie Awards van Kunstmaan in 2017 — by Kunstmaan

Wat is voor u het hoogtepunt uit uw carrière tot nu toe?

Laurens Bastijns: “Ik heb zowel bij de stad Leuven als bij Kunstmaan hoogtepunten. Om er echt één uit te kiezen vind ik moeilijk. Net voor mijn vertrek bij Kunstmaan heb ik gewerkt aan een case (nvdr. van Lapperre) om een Effie award te winnen en we hebben daar brons mee gehaald. Dus daar was ik wel echt trots op dat we dat gedaan hadden. Bij de stad Leuven vind ik de mobiliteitscampagne die we in 2018 lanceerden in het algemeen ook wel echt knap. Ik vind dat we daar goed werk hebben geleverd dus daar ben ik ook wel echt trots op.”

Wat zijn volgens u de grootste trends voor overheidscommunicatie?

Laurens Bastijns: “Je moet meer naar informatie op maat gaan. Op dit ogenblik verlopen de meeste dingen in bulk. Dat wil zeggen dat je bijvoorbeeld een nieuwsbrief hebt die gewoon naar de inwoners wordt verspreid, iedereen krijgt informatie over bepaalde wegenwerken in een regio. Je moet eigenlijk meer gaan naar een gepersonaliseerd systeem, zoals het A-profiel van de stad Antwerpen. Bij een A-profiel kan je als burger kiezen op welke manier jij geïnformeerd wil worden over de stad en wat die informatie moet zijn. Je kan dus zelf je eigen profiel opbouwen en op basis daarvan communicatie ontvangen van je stad. Op dat vlak liggen nu de meeste opportuniteiten voor ons om aan te werken maar dat vereist technisch ook een hele andere insteek.

Een andere trend is dat je meer naar service en beleving gaat. Communicatie is daar maar een klein onderdeel van. Het heeft ook te maken met hoe bijvoorbeeld gebouwen worden ingericht en waar en wanneer dat je dienstverlening plaatsvindt. Meer en meer mensen verwachten dat een overheid gaat werken zoals een privébedrijf dat doet. Burgers verwachten dat je op eender welk moment thuis in de zetel kunt bepalen wat je wil en dat het de dag nadien geregeld is. Als overheid moet je daarin meegaan maar dat vereist ook wel veel technologie om dat te kunnen doen.”

Gelooft u ook in de trend van video?

Laurens Bastijns: “Jawel, maar is dat een trend? Wij kijken ook altijd eerst naar de inhoud om te bepalen of dat dat geschikt is om in een video te steken. Voor veel dingen werkt video wel goed maar dat is niet altijd het geval. Het is niet heiligmakend. Ik vind het moeilijk om te zeggen of dat video echt een trend is. Facebook pusht video ook keihard. Je hebt meer een voet in de deur met video terwijl een foto statisch is en dat scrol je misschien sneller voorbij.

Langs de andere kant geloof ik ook wel dat er voor alles een tijd en een plaats is. Ik denk dat een video veel beter werkt als je ’s avonds thuis op je gemak met de tablet in de zetel zit in plaats van op de trein in een rumoerige wagon. Als je op dat moment een video inhoudelijk moet gaan bekijken dan lukt dat niet. Context speelt daar dus een heel belangrijke rol in. Daar proberen wij ook altijd rekening mee te houden. Je ziet steeds vaker bij bedrijven dat ze tekst in video plaatsen zodat je de video ook zonder geluid kan zien en dat het klopt op eender welk moment je het bekijkt.”

_QR-codes zou ik echt willen begraven._

Is er een bepaald communicatiemiddel dat u niet meer zou gebruiken?

Laurens Bastijns: “Ik heb echt een hekel aan QR-codes. (lacht) Niemand weet hoe ze die codes moeten scannen en ik vind dat ook verschrikkelijk. Vroeger kon je dat gemakkelijk met uw camera doen en had je automatisch een app op de smartphone maar dat is nu niet meer het geval. Ik zie QR-codes nog wel geregeld terugkomen, niet per se in de praktijk maar in de gastcolleges die ik geef aan studenten. Elk jaar komt er wel een voorstel om een QR-code op te nemen in een campagne en tijdens mijn feedback laat ik de studenten dat testen. Iemand mag eens proberen naar de website te surfen via een QR-code en de andere mag gewoon de URL intypen. De meesten zijn wel sneller met gewoon de URL in te typen. Dus ja, QR-codes zou ik echt willen begraven (lacht).Voor veel mensen is dat echt een hindernis, veel mensen weten gewoon niet hoe ze daarmee aan de slag moeten. De mensen worden dan ook nog eens doorverwezen naar een website die vaak niet mobiel geoptimaliseerd is, dus daar valt de ervaring ook weer in het water.”

Als adviseur digitale communicatie, wat adviseert u alle overheden en bedrijven om zeker online te doen?

Laurens Bastijns: “Eén van de dingen waar wij met ons team altijd op hameren is gebruikerstesten of feedback van gebruikers krijgen. Je denkt dat je weet hoe het werkt maar in de praktijk loopt het toch altijd een tikkeltje anders. Je gaat het best naast een gebruiker zitten die een toepassing aan het gebruiken is of terwijl hij op je website aan het surfen is. De gebruiker centraal zetten, wil niet zeggen denken vanuit de gebruiker maar hem de toepassing laten testen en je vertellen hoe dat het moet. Het kost geld om de gebruikers te laten testen en ook tijd en capaciteit maar de voordelen zijn nadien enorm groot.

De burgers die jouw website willen testen, vind je meestal gewoon via Facebook. Wij doen een oproep op onze Facebookpagina waar we een prijs aan vasthangen. De burgers kunnen dus iets winnen of krijgen een geldsom om hier bij ons bijvoorbeeld twee uur de website te komen testen. Door de Facebookoproep krijgen wij mensen tot bij ons die gepassioneerd zijn door onze website of de communicatie die wij doen. Die mensen vullen we dan aan met mensen die atypischer zijn. Op die manier heb je een goede mix tussen mensen die computervaardig zijn en mensen die moeilijker overweg kunnen met een computer.”