De luchtmachtbasis van Kleine-Brogel: een arsenaal aan uitdagingen!

Geen communicatie gestudeerd, maar wel al geruime tijd werkzaam als communicatieverantwoordelijke van de prestigieuze luchtmachtbasis van Kleine-Brogel. Kapitein Bart Knockaert vertelde mij met veel plezier hoe hij er elke dag opnieuw naar streeft de communicatie van de basis naar een hoger niveau te tillen!

Dag Bart! Je verklapte al dat je eigenlijk niet communicatief geschoold bent. Wat heb je dan vroeger wel gestudeerd?

(lacht) “Dat klopt! In het middelbaar heb ik eerst Latijn-Grieks gedaan maar zelf vond ik het niet echt een fijne richting. Ik moest de opleiding vooral verderzetten van mijn ouders en leerkrachten. Toch ben ik dan in het derde middelbaar overgestapt naar Wiskunde-Wetenschappen, met zelfs een extra taal Duits erbij! Op 16-jarige leeftijd heb ik besloten om over te stappen naar de toenmalige A2-opleiding van Defensie met de bedoeling Onderofficier te worden. Deze opleiding bestond uit tweeëndertig uur wetenschappelijke vakken en acht uur militaire vakken (drillen, reglementen leren, wapens in elkaar draaien enz…). Na het afronden van deze opleiding ben ik in Brussel op de campus Evere-Noord tewerkgesteld, waar ik onderdeel uitmaakte van de 21ste logistieke wing. Hier heb ik dan negen jaar gewerkt en dan werd het al snel duidelijk dat men meer potentieel in mij zag dan een magazijnier.”

Hoe heeft je loopbaan zich dan verder ontplooid?

“Ik kwam op een gegeven moment rechtstreeks onder een baas te staan en dan nam ik zijn (interne) communicatie op mij. Eind jaren negentig heb ik mij ook verschillende keren kandidaat gesteld om op missie naar ex-Joegoslavië te gaan. In 1999 werd ik geselecteerd en ben ik voor zes maanden naar Zagreb vertrokken als onderdeel van operatie SFOR van de NATO. Aansluitend ben ik dan voor vijf jaar naar Rammstein getrokken, opnieuw om logistieke taken te vervullen voor de NATO, binnen de Belgische component dan. Dit omvatte de communicatie naar buiten toe verzorgen, alsook iets ludiekere taken zoals kerstfeestjes en nieuwjaarsrecepties organiseren.

Dan ben ik na die vijf jaar (we zijn dan 2005-2006) teruggekeerd naar Kleine-Brogel. Ik deed dan ook weer buiten mijn job uit taken zoals evenementen aankondigen, contactmomenten organiseren enz. Op een gegeven moment ben ik dan in het oog gesprongen van de toenmalige basiscommandant en hij heeft mij volledig onder zijn hoede genomen als adjunct. Om deze functie volledig onder de knie te krijgen heb ik een cursus van een week in Brussel moeten volgen. Dit was eigenlijk de eerste keer in mijn loopbaan dat ik als het ware echt in de communicatie werd ondergedompeld!”

Is de interesse in Defensie eigenlijk vanuit je familie gegroeid?

“Mijn vader zat bij de Rijkswacht die indertijd nog deel uitmaakte van het departement Defensie en ook een paar nonkels en een neef werkten in het leger. Ik was vroeger heel sportief aangelegd, met een avontuurlijk karakter waardoor het leger mij een ideale plaats leek om te werken. Het feit dat er veel in teamverband gewerkt wordt, sprak mij ook enorm aan. Verder hoorde ik allerlei stoere verhalen van kameraden die mij aanspoorden om ook het leger in te gaan en de film ‘Top Gun’ was net uitgekomen waardoor ik uiteindelijk overstag ben gegaan. Het leger was op dat moment ook een zelfvoorzienend organisme met eigen bakkers, slagers, kappers enz. Hoe dat orgaan op zijn eigen kon functioneren vond ik uitermate boeiend.”

Oude F-104 Starfighter die richting de luchtmachtbasis wijst
Oude F-104 Starfighter die richting de luchtmachtbasis wijst

Speelde je al lang met het idee om bij het leger te gaan werken of was dit een kans die zich plots voordeed?

“Ik heb die kans zelf aangegrepen en ben blij dat ik uiteindelijk hier beland ben want vroeger deden velen mee aan de toelatingsproeven, maar weinigen haalden het uiteindelijk. Om een voorbeeld te geven: we begonnen met 130 kandidaten en bleven met 48 over die echt geselecteerd werden. In het huidige systeem wordt er echt naar kandidaten gezocht om zich in te schrijven bij het leger, met andere woorden, het leger gaat zelf op zoek naar mensen. Je moet natuurlijk nog altijd je toelatingsproeven halen en fysiek in orde zijn, maar de scholen zijn nu eerder een soort van ondersteuning naar het aanvatten van de legeropleiding toe.”

Ik kan mij inbeelden dat het dagdagelijkse communiceren binnen zo’n grote basis hier geen makkelijke taak is. Ben je alleen verantwoordelijk voor het communicatieve gedeelte of zijn hier nog medewerkers voor in dienst?

“We hebben een ‘sharepoint’, zeg maar een intranet binnen Defensie, met een apart luik voor elke eenheid. Daar verschijnen dan iedere dag nieuwsberichten op, die we overigens ook zelf kunnen plaatsen. Rond 15u worden die nieuwsberichten dan gepusht naar alle mailboxen. Dit kan over allerlei voorvallen gaan: van het sluiten van een poort op een bepaalde dag tot het verkondigen van een stroomtekort binnen een bepaald departement enz. Verder wordt ook elke uitgave van het personeelsmagazine, waar ik verantwoordelijk voor ben, via deze weg meegedeeld aan alle militairen.

Wat betreft persoonlijke informatie (geboortes, overlijdens enz.) wordt meestal binnen de eigen eenheid gecommuniceerd. Vroeger werden mensen ook met naam en toenaam in het magazine genoemd, maar sinds de aanslagen van 2015-2016 wordt er met afkortingen gewerkt om de privacy van onze militairen volledig te garanderen. Verder zijn mijn baas en ik alleen verantwoordelijk voor het communicatieve gedeelte. Dit is dan wel op regionaal vlak (Kleine-Brogel en omstreken, met uitbreiding naar heel Limburg). We hebben ook een vrij goed direct contact met Radio 2 Limburg. Als VTM of HBVL iets vragen, dan plegen we overleg met de instanties in Brussel omdat het dan vaak een nationale kwestie betreft.”

De manier hoe we communiceren verandert constant. Wat zijn de belangrijkste veranderingen die je zou willen doorvoeren?

“Dat is een beetje mijn grootste frustratie, het achterlopen qua communiceren t.o.v. andere bedrijven. Mede door die achterstand is het voor Defensie ook een heel stuk moeilijker geworden om de jeugd te bereiken. Het is volgens mij dan ook van essentieel belang dat wij naar de toekomst toe de jeugd bereiken met de communicatiemiddelen waar zij zélf op actief zijn! Het leger zou eigenlijk gebruik moeten maken van een soort planning, met daarop elk bericht dat geplaatst moet worden of al geplaatst is. Voor mij is het onmogelijk om die taak alleen te verzorgen, zeker bijkomend bij mijn huidige job. Het komt er eigenlijk op neer dat de verschillende communicatiediensten van het leger licht onbemand zijn en niet genoeg capaciteit hebben om alle nodige informatie te verwerken.

Om een klein voorbeeld te geven: we werden opgedragen door een informatiecentrum om een jobdag te organiseren, met zo weinig mogelijk overlast voor de dagdagelijkse werkzaamheden binnen de basis. Opeens kreeg ik het ene na het andere telefoontje van mensen die zich niet konden inschrijven. Wat bleek nu? Vanop een smartphone of een tablet was het niet mogelijk om op de site van het informatiecentrum zich in te schrijven, hallucinant in deze tijd waar sociale media zo’n belangrijke rol speelt! Hoe wil het leger jongeren dan bereiken als men dat niet mogelijk maakt via de platformen die jongeren vandaag de dag het meeste gebruiken? Men doet al inspanningen zoals opendeurdagen en recenter de tv-reeks ‘F-16’, waar we indirect heel veel jongeren mee bereikt hebben. Toch moet hier blijvend in geïnvesteerd worden om de voeling met die doelgroep niet te verliezen.”

Luchtbeeld van de basis in Kleine-Brogel
Luchtbeeld van de basis in Kleine-Brogel

Heb je een zicht op toekomstige uitdagingen?

“De grootste uitdaging voor Defensie is bijbenen, de jeugd opnieuw leren bereiken via die kanalen waar zij ook effectief op actief zijn. Financieel kunnen we niet hetzelfde aanbieden als jobs in de burgerij met allerlei extralegale voordelen zoals bijvoorbeeld een auto van het bedrijf of een gsm. We bieden enkel een vast loon aan. Het unieke karakter van de job (werken aan jachtvliegtuigen, op uitzending gaan in verschillende landen, samenwerken op groot internationaal niveau,…) is natuurlijk wel een troef die we zo goed mogelijk moeten proberen uit te spelen bij ons doelpubliek. Dan denk ik vooral aan scouts of jeugdbewegingen waar avontuur en teamgeest er zowat ingebakken zit.”

Een ander voorbeeld is het feit dat Defensie zo’n drie jaar geleden trots uitpakte met het feit dat ze een Facebookpagina hadden, terwijl dit eigenlijk al veel eerder had moeten gebeuren. Binnen het leger zijn eigenlijk mensen zonder militaire kennis nodig, die zich louter en alleen bezighouden met het communicatieve. Zij zouden dan onder een baas terechtkomen die hen wel zal sturen op het gebied van content, maar op gebied van creativiteit zal er dan veel meer vrijheid zijn. Het leger moet zichzelf nog echt op de markt leren plaatsen, dat missen we nu nog. We gaan nog teveel uit van wat het leger over zichzelf wil laten zien, terwijl het grote publiek zou moeten bepalen wat ze van het leger willen zien op sociale media, via campagnes, televisie enz.”

Hoe reageer je op een crisissituatie?

“Meestal staat de basiscommandant als eerste de pers te woord. Met mondjesmaat wordt er dan extra info over de crisissituatie vrijgegeven. Bij grote incidenten is de procedure iets anders. Onlangs was er een incident in Florennes - een straalvliegtuig brandde volledig af doordat het per ongeluk beschoten werd - en daar heb ik ook veel telefoons van radio en televisie over gekregen. Ik probeer dat in eerste instantie volledig af te blokken. Ik heb namelijk hier in Limburg niet genoeg inzage in wat precies gebeurd is, dus verwijs ik de journalisten door naar onze mensen in Brussel die beter op de hoogte zijn. Incidenten die regionaal gebeuren, probeer ik zo concreet mogelijk te schetsen naar journalisten toe.”

Last but not least, hebt u nog tips voor studenten die een beetje dezelfde richting als uzelf willen uitgaan?

“Ik geloof er sterk in dat hoe ouder je wordt, hoe dichter je bij jezelf komt, bij datgene dat je ooit interesseerde als jongere. Tegenwoordig moet alles zo snel gaan: snel succes, snel grijpen naar schunnigheden (drank, drugs, seks), alles moet grappig zijn… Alles gaat over de Facebook-kant van de mensen, het leuke. Als je de mensen weer op de gewone manier kunt raken zonder al die andere elementen aan te halen, ga je net zo succesvol kunnen zijn. Het écht raken van mensen kan zeker nog van waarde zijn, het vluchtige of het snelle verdwijnt na een tijd. LinkedIn is bijvoorbeeld een goed voorbeeld van een neutraler, niet op sensatie belust medium.

Nog iets wat ik mis is kampen organiseren tijdens hogeschool of unief met mensen van allerlei afkomst en die individuen gewoon bij elkaar gooien en zien of het klikt of botst. Daar haal je als mens veel uit en lijkt me een zeer verrijkende ervaring. Elke tegenslag is een leerproces, en die tegenslagen maken je tot de persoon die je nu bent!