Wat is nog terug te vinden van de eerste Hasseltse burcht?

Veel van onze steden zijn gebouwd rond een versterkte plaats, al dan niet voorzien van een donjon of toren. Ook Hasselt is waarschijnlijk gebouwd aan zo’n versterking aan de Helbeek. Die heeft zich waarschijnlijk bevonden aan de Helbeek achter de Sint-Quintinuskathedraal, ongeveer op de plaats waar zich nu de Irish Times Pub bevindt. Wat is nog terug te vinden van de eerste Hasseltse burcht? Waarschijnlijk steken er onder de grond nog resten van de (stenen) toren. Die resten zijn tussen beide wereldoorlogen aan het licht gekomen bij de afbraak van het huis de Muizeval. Of we die resten nog ooit te zien zullen krijgen, valt natuurlijk nog af te wachten. Bij werken in die buurt moeten alleszins grondige opgravingen gebeuren.

In het geval van Hasselt is er heel wat onduidelijkheid over de plaats waar de eerste burcht of munitio zich heeft bevonden. In het centrum van de stad was een dergelijke versterking met donjon, maar de vraag is of dit inderdaad de eerste versterking is geweest. Een mogelijke denkpiste is de volgende: de heren van Mombeek kozen als burcht voor een plaats met voldoende water voor het aanleggen van slotgrachten op een cruciaal gelegen plaats die hun eigendom was.

In het centrum van Hasselt kruisten zich twee belangrijke handelswegen die waarschijnlijk als sinds de laatste ijstijd werden gebruikt. In de buurt vloeide de Helbeek op een terrein dat Ingelandt werd genoemd en eigendom was van de heren van Mombeek. Aan de oevers van die beek werd eerst de burcht en daarna vlakbij de kerk gebouwd. De geschiedenis van de Sint-Quintinuskathedraal gaat terug tot de 7de of 8ste eeuw en waarschijnlijk zal de versterking iets ouder zijn geweest. Mogelijk is de bewoning rond dit oorspronkelijke centrum relatief beperkt geweest. Aan de Helbeek in de huidige Tweetorenwijk zijn namelijk geen sporen van pro-Middeleeuwse bewoning gevonden. Wat natuurlijk niet wil zeggen dat die er niet is geweest.

Ook over het Dorp, de buurt rond de Reddelberg, is het laatste woord nog niet gevallen. Dat deel van de stad ligt op een heuvel met aan de voet de Ertbeek die komende uit Runkst eerst in de Helbeek en (na het aanleggen van de stadswallen en –grachten) vervolgens in de Demer uitmondde. De figuur van Hendrik van Broeke, heer van Dorpe (cognomen Tant) wordt met die buur geassocieerd. Mogelijk verbleef hij op de Hekkelaar, een oude boerderij die door brand werd verwoest. Het opduiken van de naam ‘Hekkelaars’ betekent dat daar lang geleden al mensen hebben gewoond. Meer weten we er echter niet van, want de Hasseltse staatsarchieven zijn door toedoen van Karel de Stoute in de Demer verdwenen. Hendrik was mogelijk de heer van zowel het gebied aan de Broekermolen (‘Broeke’) als van het Dorp (‘Dorpe’). Het is belangrijk te weten dat beiden voordien mogelijk één gebied vormden, waarvan het ene stuk bij het aanleggen van de stadswallen buiten het ommuurd gebied viel en het andere er binnen.

Het probleem is dat we over de Hekkelaar en Tant eigenlijk niets weten behalve wat in zijn testament en dat van zijn dochter te lezen staat. Was hij inderdaad een ‘warlord’ avant la lettre, wiens voorvaderen in ruil voor bewezen diensten grond hadden verworven. Het oud Hasselts stadsarchief vertelt er ons niets over. De ondergrond van het Dorp heeft zijn geheime ook nog niet prijsgegeven. Wanneer was daar de eerste bewoning? We hebben er alleen maar het gissen naar. Was er een verhouding tussen de Hekkelaar en het wat verder gelezen Crutzen? Ook daar valt niets zinnigs over te zeggen. De site van Crutzen is bedekt door beton en zal ons nog maar weinig wijzer kunnen maken.

Waar we ook vrijwel niets over weten is over de machtsverhoudingen op Hasselts grondgebied 1.500 jaar geleden. In ieder geval bezaten Merovingische en/of Karolingische hoge adel zowel in Mombeek als in Kuringen eigendommen. Waren er familieverbanden tussen beide vestigingssites? Het antwoord op die vraag ligt verborgen in de mist der tijden en zal waarschijnlijk wel nooit beantwoord worden. Het belang van beide sites mag anderzijds ook niet overschat worden, want nergens wordt er in de nagelaten geschriften met ook maar één woord over Mombeek of Kuringen gerept. Nog meer dan elders is er in Hasselt sprake van de Duistere Middeleeuwen. Voor de periode dat Hasselt stad werd, weten we weinig of niets. En het valt alleen maar af te wachten of we nog ooit veel wijzer zullen worden.

by Jos Sterk
by Jos Sterk
This article was originally published on vaartheemkundegroothasselt